8 May 2017

Oproep aan het kabinet: houd een internationale blik

Een kwalitatief sterke kunstwereld is cruciaal voor een creatief en innovatief imago van Nederland in het buitenland. Wil het nieuwe kabinet daarvoor in staan?

Drukte by Bosch by Night (foto: Ben Nienhuis), CCTV toren van Rem Koolhaas in China, Dutch Design Week in Eindhoven

Met zo’n creatief en innovatief land is het prettig samenwerken en zaken doen. Daarbij verbindt kunst en cultuur mensen met elkaar. Niet alleen nationaal, ook internationaal. In tijden van toenemende spanningen is het onmisbaar om de wederzijdse nieuwsgierigheid en herkenning tussen mensen te behouden en te koesteren. Een gezond internationaal cultuurbeleid is daarom van groot belang voor Nederland en moet breed worden gedragen in het volgende kabinet. 

Iconen, Jheronimus Bosch en Dutch Design
Wie zorgen voor het creatieve en innovatieve imago van Nederland, wie zijn onze visitekaartjes? De eerste tien in de NRC Cultuur Top 100 (2016) van Nederlandse boegbeelden in het buitenland geven al een aardig beeld: Ivo van Hove, Rem Koolhaas, Marlene Dumas, Rijksmuseum, Irma Boom, Anton Corbijn, Jaap van Zweden, Tiësto, Hella Jongerius en het Koninklijk Concertgebouworkest. Het is nog maar een kleine greep uit een rijkgeschakeerd palet van kunstenaars en instellingen waar het buitenland jaloers op is. In het buitenland ziet men Nederland als een van de belangrijkste spelers op cultureel gebied en de creatieve industrie, een land van tradities én innovatie. Als een culturele vrijhaven, waar invloeden vanuit de hele wereld bijeenkomen. Zulke internationale iconen krijgen we dan ook niet zomaar, daar is een cultuurklimaat voor nodig waarin talenten kunnen uitgroeien en kansen krijgen. 

Ondersteunend beleid is ook nodig om internationale bezoekers en professionals in ons eigen land kennis te laten maken met onze creatieve en innovatieve culturele sector. Neem het uitermate succesvolle Jheronimus Boschjaar van het Noord-Brabants Museum; neem de tentoonstelling Alma Tadema van het Fries Museum die nu doorreist naar Wenen en  Londen; neem de Dutch Design Week in Eindhoven. Regio’s in Nederland hebben steeds meer behoefte aan een sterke eigen creatieve sector om zich op de kaart te zetten, om een groot publiek te bereiken en om werkgelegenheid te creëren. De culturele instellingen spelen daarin een belangrijke rol. Juíst zij redden het niet zonder internationale samenwerking en een daarvoor gunstig beleid. 

Culturele diplomatie
In het buitenland kijkt men met veel belangstelling naar het Nederlandse model van internationale culturele samenwerking. Nederland kiest voor wederkerigheid en lange termijnrelaties, Nederland kiest voor een gemeenschappelijke agenda van cultuur en diplomatie. Daardoor kan de gehele Nederlandse culturele sector maximaal profiteren van internationale contacten en samenwerking. Zo’n beleid vereist wel continuïteit en de inzet van meerdere departementen, niet alleen van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, ook van Buitenlandse Zaken en Economische Zaken. Uit de meeste recente Buitengaats, waarin DutchCulture al meer dan vijftien jaar gegevens over de Nederlandse cultuurexport verzamelt, blijkt dat de export van Nederlandse kunstenaars en culturele instellingen binnen Europa in de afgelopen vier jaar licht is afgenomen. Naar andere landen van de wereld neemt de cultuurexport toe. Juist in die landen (denk aan China, Brazilië en Indonesië) is het moeilijk om zonder hulp van de Nederlandse overheid toegang te krijgen op het juist niveau.  

De culturele sector speelt een belangrijke rol in de Nederlandse economie: ze bedraagt 2,25% van het bbp, het cultuurtoerisme vormt 5,4% van het bbp. Het aandeel in de totale werkgelegenheid bedraagt 3,9%. Een divers cultuuraanbod van hoog niveau maakt Nederland bovendien aantrekkelijk voor buitenlandse bedrijven en werknemers.
Op 18 maart richtte de voorzitter van de Raad voor Cultuur Marijke van Hees zich al tot het nieuwe kabinet: “Het is veel meer dan economie en geld. Het is een binding van mensen, met emoties en waarden die je op allerlei manieren kunt uitdrukken. Het is van alle eeuwen. Het is belangrijk om te realiseren dat het geen hobby is van deze tijd." Dat is de spijker op z’n kop. Het is ook belangrijk te beseffen dat onze nationale kunst en cultuur niet zonder een toegewijd internationaal beleid kan en dat Nederland in haar internationale betrekkingen baat heeft bij een sterk cultuurbeleid. Wij vragen het nieuwe kabinet daarvoor in te staan.

Arno Brok - Voorzitter Raad van Toezicht DutchCulture

Cees de Graaff - Directeur DutchCulture