Nieuws

  • Database vertelt het verhaal

    Database vertelt het verhaal

    27 november 2018
    DutchCulture gaf op de ambassade in Berlijn een preview van onze nieuwe database: alle activiteiten van alle Nederlandse kunstenaars wereldwijd in één oogopslag

    Renske Ebbers, DutchCulture's landenmedewerker Duitsland, presenteert de nieuwe database, online vanaf 18 december, op de Nederlandse ambassade in Berlijn en licht vast een tipje van de sluier over welke belangen de database kan dienen.

    We zijn er inmiddels aan gewend: wie in het culturele veld werkt, moet haar werkzaamheden zichtbaar en de impact voelbaar maken. Niet alleen cultuurmakers en kunstenaars ruimen hier steeds meer tijd voor in, ook bij beleidsmakers staat het hoog op de agenda. Zo komt het dat ook ik als internationaal cultuurbeleid-coördinator voor DutchCulture onze splinternieuwe database mocht presenteren op de Nederlandse ambassade in Berlijn. Na de lancering over drie weken zullen daar alle internationale activiteiten van Nederlanders op het gebied van kunst en cultuur verzameld, gesorteerd en met name gezien worden. Thematische tendensen, groeiende disciplines of stedelijke hotspots, die nu gemeenschappelijk aangenomen maar niet altijd aangetoond kunnen worden, hopen aan de nieuwe database een existentierecht te ontlenen.

    Zichtbaarheid en impact
    Voor het culturele veld zal het een informatie- en inspiratiebron worden die de stap naar het buitenland nog toegankelijker maakt, en bovendien door de groeiende verzameling als internationaal paspoort kan dienen. Hoe zit dat op beleidsniveau? Voor mijn toehoorders in Berlijn, werkzaam voor diplomatische posten in cultureel-uiteenlopende regio’s van Duitsland, vormt de database straks een belangrijke bron van informatie. Hoe kun je aantonen dat sinds twee jaar de regionale uitwisseling groeit op het gebied van cultuurparticipatie in Noordrijn-Westfalen? Hoe bewijs je de aanname dat München de go-to stad is voor Nederlandse ontwerpers? Zichtbaarheid en impact van cultuur is belangrijk voor de praktijk van culturele makers en voor het verdedigen van cultuurbeleid op nationaal niveau.

    Een web van samenwerking
    Met de nieuwe database slaan we een slag op internationaal niveau, en dat is voor iedereen die internationaal werkt een grote steun. Voor iemand als ik, die met een been in het Duitse veld, en een in het Nederlandse staat, is het verbinden van informatie over beide cultuurlandschappen heel nuttig. De volgende keer dat ik bijvoorbeeld op een vrieskoude woensdagmiddag in november langs het KW Institute for Contemporary Art in Berlijn loop, vind ik online in een oogopslag een verhaal over het belang van deze plek voor Nederland: gebaseerd op het aantal en het soort kunstenaars dat hier tentoonstelde (acht in 2018 waaronder een boekpresentatie), de nieuwsartikelen waarin het een rol speelt (dit is de eerste), de Nederlandse financiering waarmee het in aanraking kwam (Mondriaanfonds). Hoe meer informatie ik kan vinden, hoe meer ik het zal gebruiken, hoe meer informatie er weer bijkomt; en hoe aantrekkelijker het uiteindelijk voor iedereen is om de database actief te gebruiken. En zo worden er steeds meer lijntjes gesponnen tot er een web van samenwerking voor een grensoverschrijdend, cultureel veld ontstaat.

    Van elkaar leren en kansen delen
    Tijdens mijn bezoek aan Berlijn had ik ook een ontmoeting met de hoofdredacteur van Creative City Berlin. Dit is een online cultureel platform voor kunst, cultuur en creatieve industrie. Hier vinden makers informatie over de nieuwste trends, projecten of banen, en met name vinden ze elkaar. Deze ontwikkeling om op een open en transparante manier samen te werken, door van elkaar te leren en kansen te delen, is onmisbaar in tijden van informatieve overvloed, ook op het bonte niveau van internationale samenwerking. Daarom hoop ik dat onze DutchCulture database eenzelfde cultureel platform zal worden: een  archief-binnen-handbereik, argument voor uitspraken, inspirator bij adviezen en bovendien een plek waar verbindingen worden gevonden. 

    De nieuwe database gaat online vanaf 18 december 2018.

     

  • Erasmus Huis feestelijk geopend

    Erasmus Huis feestelijk geopend

    20 november 2018
    Na vijf maanden renovatie opent het Erasmus Huis in Jakarta deze week weer haar deuren, met gemoderniseerde theaterzaal, tentoonstellingsruimte en bibliotheek.

    Het Erasmus Huis is het culturele centrum van de Nederlandse Ambassade in Jakarta - in 2020 is het al 50-jaar een baken van culturele diplomatie. In 1970 werd het Erasmus Huis geopend om de bilaterale relatie tussen Nederland en Indonesië te versterken, met cultuur als bindmiddel.

    Gepassioneerde discussies
    Het Erasmus Huis zet zich in voor het versterken van de betrekkingen tussen Nederland en Indonesië. Ze willen bijdragen aan een positief beeld van Nederland bij de Indonesiche bevolking en kennisuitwisseling bevorderen. Hierbij speelt de historische relatie tussen beide landen een grote rol, maar ook de onderlinge diplomatieke verhoudingen en economische belangen. De doelstellingen van het Erasmus Huis zijn actueler dan ooit. In Nederland woeden gepassioneerde discussies over de dekolonisatie van Indonesië en over de gehele koloniale periode. Tegelijkertijd gebruikt de lokale overheid in Jakarta de nostalgische naam ‘Batavia’ om toeristen te trekken.

    Oren en ogen
    In toenemende mate ontdekken Nederlandse kunstenaars, (culturele) ondernemers en artiesten Indonesië en haar overwegend jonge publiek. Het Erasmus Huis biedt hier een prachtig podium voor, met eigen programmering. "Indonesiërs kijken veel meer vooruit dan Nederlanders, we willen samen vooruit kijken. Erasmus Huis is niet alleen een gebouw, het is een merk. We willen een platform zijn voor discussies, soms over gevoelige onderwerpen als religie of LGBTI", stelde de Nederlandse Ambassadeur in Indonesië Rob Swartbol deze week. Om uitwisselingen mogelijk te maken, zijn oren en ogen in de culturele sectoren van Indonesië en Nederland nodig. Het Erasmus Huis doet dit in Indonesië, DutchCulture in Nederland: beide instituten werken hierbij nauw samen. 

    Organization: 
    Erasmus Huis Jakarta
    DutchCulture
    Location: 
    Erasmus Huis Jakarta
  • DutchCulture: werkbezoek in Jakarta

    DutchCulture: werkbezoek in Jakarta

    19 november 2018
    Remco Vermeulen, landenadviseur Indonesië, was op werkbezoek in Jakarta en deed dagelijks verslag.

    Zaterdag 24 november 2018

    Gedeelde toekomst
    Op mijn laatste dag in Jakarta heb ik geluncht met vrienden en collega's, die werkzaam zijn als architect, historicus, kunstenaar of ontwerper. Een prachtige groep mensen, die me veel hebben geleerd – en nog altijd leren – over hun land; taal, gebruiken, geschiedenis, eten, architectuur, en ga zo maar door. Dit is ontzettend waardevol. 

    Lees deel 3 van de drieluik die ik heb geschreven, over culturele uitwisselingen tussen Indonesië en Nederland, de impact van persoonlijke connecties en de gedeelde toekomst waar we samen aan bouwen. 

    Groepsfoto in Menteng, Jakarta op 24 november 2018 

    Vrijdag 23 november 2018

    Getto midden in de stad
    De Chinese bevolking van Jakarta woont van oudsher in een eigen wijk net ten zuiden van Kota Tua, de historische binnenstad. Het voelt aan als een dorp in een stad, met smalle steegjes, vele winkeltjes, marktkramen, en gebedshuizen, en een enorme bedrijvigheid. Hoewel de Chinezen zich al voor de Portugezen en Nederlanders in de archipel vestigden, is hun positie binnen de Indonesische samenleving niet gemakkelijk: discriminatie komt nog altijd voor.  

    Chinese tempel in Glodok, Jakarta op 23 november 2018 

    Donderdag 22 november 2018

    Erasmus Huis als merk
    Het Erasmus Huis in Jakarta, gelegen op het terrein en deel van de Nederlandse Ambassade, is niet alleen een cultureel centrum, een podium, een plek om te lezen, om te leren, om in gesprek te raken. Het Erasmus Huis is een merk, niet alleen bekend in Jakarta maar daar ver buiten. Lees hier meer over de feestelijke heropening deze week, na een verbouwing die vijf maanden geduurd heeft. 

    Lees deel 2 van de drieluik die Remco heeft geschreven, o.a. over het onafhankelijke Indonesië.

    Het exterieur en interieur van het gemoderniseerde Erasmus Huis, Jakarta op 21 november 2018 

    Woensdag 21 november 2018

    'Batavia' is hip
    VOC Galangan, Batavia Marina, Bakoel Koffie, Café Batavia, Keukenhof Bistro: restaurants of cafés met namen die verwijzen naar het koloniale verleden of naar Nederland zijn er in overvloed in Jakarta. En het zijn populaire plekken, niet zozeer bij (Nederlandse) toeristen of als trouwlocatie, maar vooral bij (Indonesische) jongeren. Sommige van deze restaurants zijn nieuw gebouwd, maar veel zijn neergestreken in historische panden. Sfeervol ingericht met oude foto's of objecten die naar Nederland verwijzen, maar net zo goed met Indonesische portretten of kunst. Gedeelde geschiedenis onder het genot van een kop koffie (of 'kopi' in het Bahasa Indonesia). 

    Lees deel 1 van de drieluik die Remco heeft geschreven over zijn persoonlijke ontdekkingstocht die via zijn eigen familiegeschiedenis naar het dynamische debat over culturele samenwerking van vandaag voert, van Nederlands-Indië naar Indonesië en Nederland.

    Het interieur van Koffie Bakoel in Cikini, Jakarta op 20 november 2018 

    Dinsdag 20 november 2018

    'Jengki' stijl
    In het Jakarta van eind jaren '40, de hoofdstad van de nieuwe Republiek Indonesië, was geen plaats meer voor koloniale (Indische) architectuur. Terwijl president Sukarno met architect Friedrich Silaban aan de slag ging met monumenten als Masjid Istiqlal en het Nationaal Monument, werd verderop de wijk Kebayoran Baru aangelegd. Tussen weelderig groen werden oppulente villa's in Amerikaans-geinspireerde, tropisch-modernistische 'Jengki' (van 'Yankee') stijl gebouwd. Verschillende van die huizen staan er nog, sommigen mooi gerestaureerd, anderen volledig vervallen. 
    Voorbeeld van een Jengki stijl woning in Kebayoran Baru, Jakarta op 19 november 2018 

    Maandag 19 november 2018

    Gehavend
    Op 16 januari eerder dit jaar werd Museum Bahari, het Maritiem Museum in Jakarta, deels verwoest door een heftige brand. De niet-aangetaste vleugels gingen snel weer open, maar zo'n tien maanden later staat dit deel van het zeventiende-eeuwse complex er nog gehavend bij. 

    De vleugels verwoest door het vuur, Museum Bahari, Jakarta op 18 november 2018 

    ----

     

    Urban park
    Afgelopen zomer, ter gelegenheid van de Asian Games (voor het eerst sinds 1962 weer in Indonesië), werd een deel van de Kali Besar in Kota Tua gerevitaliseerd: van vervuild en vervallen gracht naar een 'urban park' ontworpen door PT Budi Lim Arsitek met halfronde zithoeken, wandelboulevards en drijvende platforms.

    Urban park Kali Besar, Jakarta op 18 november 2018 

     

     

    Organization: 
    DutchCulture
    Location: 
    DutchCulture
  • Moroccan reality as art

    Project ‘Ch3el el Dow’ by Adam Belarouchia

    Moroccan reality as art

    16 november 2018
    Interview: artist-in-residence Adam Belarouchia. "The global virtual world is just a mouse-click away, but such a far cry from the reality of Moroccan society"
    By Myriam Sahraoui

    “Yesterday I strolled through the streets of Amsterdam and saw how well-kept and well-organised everything is. I saw the wealth of art and culture everywhere in the city, it almost made me weep.” Adam Belarouchia (25) is an artist from Morocco and an artist-in-residence at the Thami Mylene Foundation since 1 October. “It almost made me weep for joy that I have the opportunity to be here and to get a taste of the Netherlands."

    "But it almost made me weep to think about my own country, too, where there is such a lack of awareness regarding art and culture and our wonderful heritage. And where life isn’t exactly easy for artists.” We are seated in the beautiful spacious studio at Ten Katestraat in Amsterdam West, where Adam will spend the next few months living and working and wondering at the world. Adam belongs to a generation of young Moroccan artists for whom the global virtual world is just a mouse-click away, but such a far cry from the reality of Moroccan society.

    Japanese animations
    Adam was born in a working class neighbourhood in Rabat, 25 years ago, as the son of an iron smith and housewife. As a child he spent all day making drawings, but as a young adult he enrolled to study chemistry on account of a fascination for experiments and science. But he found the academic world too formal, and casually submitted an application to the art academy of Tetuan. To his surprise he was accepted, which has given him the opportunity to explore and express his colourful and experimental picture of the world[BE1] .  His work is strongly inspired by Japanese animations from the 1990s. He is due to graduate from Tetuan’s Academie des Beaux Arts this summer.

    Turn on the light
    Adam responds to his environment through his art. He draws inspiration from the urban Moroccan subcultures and depicts them using various (digital) media. He started with making GIFs and illustrations, after which he made an animation titled ‘Ana Hna’, which means ‘I am here’. For this he won a prize at the FICAM animation festival, held in Meknes. In 2017 Adam created the project ‘Ch3el Dow’ for art centre l’Uzine in Casablanca, with the title: ‘Turn on the light’. It consisted of visual compositions based on paintings, combined with ingenious electrical installations. Incidentally, the figure 3 in the word is used for the transcription of words from Moroccan dialect; it is a guttural sound for which there are no letters in the Latin alphabet.

    Folkloric expressions
    Adam uses the codes he learnt from the environment in which he grew up; for example, the folkloric expressions used in the Moroccan Darija dialect. These expressions underline the evocative power of his work[BE2] . He uses words such as ‘wakha’ which means ‘agreed’[BE3] , or ‘z3am’: ‘stay strong’. Adam mounts these expressions as neon light tubes on images and paintings, creating a strong contrast.

    Repressive school system
    His graduation piece titled ‘Aqul! Isma3!’, meaning ‘I say, I listen!’, addresses the Moroccan educational system. The idea for this work came to him after realising that his 10-year-old sister was going through the same repressive educational system as he did as a little boy. “The Moroccan school system just doesn’t seem to change, unfortunately. It is a system that offers no room for personal expression, autonomy, or the development of an individual voice. It makes me sad, but also combative. That’s why I created this graphic novel[BE4] , in which I drew a world in which the pupils are condemned to the role of passive observer, and the teachers all have an authoritarian role.” It is a world of mouths and of ears. The order of the mouths and the order of the ears, which say ‘I say, I listen’.

    Gangster culture
    Here in Amsterdam, Adam is working on a new research project about the Moroccan gangster culture that young people adopt on social media. Referred to as ‘mscharmel’ in Moroccan[BE5] , it means something like ‘marinated’. Adam will be talking about this and other things during a cultural talk on Friday 7 December, from 4 to 6pm. This event is organised jointly with Zinaplatform. If you would like to attend, please contact Myriam Sahraoui.

    Written by Myriam Sahraoui – Advisor Morocco at DutchCulture

    More information available via thami-mnyele.nl

  • Het kindvriendelijke kinderportret

    'Lachende Jongen'. Omstreeks 1625 geschilderd door Frans Hals.

    Het kindvriendelijke kinderportret

    16 november 2018
    In Nederland zijn in de Gouden Eeuw ontelbare kinderportretten geschilderd. Kinderen staan daar opvallend ontspannen op. Maar was het wel zo vrolijk?
    Door Rudi Ekkart

    Kinderportretten zijn voor de periode van de negentiende eeuw geen uitzonderlijk verschijnsel; in die tijd zijn kinderen in Europa veelvuldig vereeuwigd. Voor de zeventiende en achttiende eeuw steekt ons land qua hoeveelheid kinderportretten echter duidelijk uit boven andere Europese landen. En niet alleen de hoeveelheid afbeeldingen van kinderen is uitzonderlijk, ook de ongedwongenheid van de kinderen is opvallend. Maar betekent dit ook dat het Nederlandse kind van enige eeuwen geleden een andere positie innam dan de kinderen uit andere landen? Of geeft de oogst aan ongedwongen Nederlandse kinderportretten ons toch een wat geflatteerd beeld van de positie van het kind in die tijden? Het is moeilijk om een betrouwbaar beeld te krijgen van de positie van kinderen in de diverse landen in voorbije eeuwen. Maar we kunnen wel kanttekeningen plaatsen bij de indruk die de kinderportretten ons geeft.

    Jezelf belangrijk vinden
    Een eerste factor is daarbij dat de Nederlandse portretkunst uit de zeventiende en achttiende eeuw een burgerlijk verschijnsel was. Het had een breder bereik dan in de meeste andere landen. Het laten maken van portretten hangt samen met de welstand van de opdrachtgevers. Maar ook met gevoel van zelfbewustzijn. Men moest de kosten voor het laten  maken van een portret kunnen dragen. Maar men moest zichzelf ook belangrijk genoeg vinden om zichzelf en de gezinsleden te laten vereeuwigen. In de meeste Europese landen voldeden vrijwel alleen vorsten en adel aan deze vereisten. Maar in Nederland waren er honderden regenten en welgestelde kooplieden die zichzelf maar wat belangrijk vonden. Die burgerlijke achtergrond verklaart de omvang van de productie van kinderportretten in ons land.

    Staatsieportretten
    Veel van de in andere Europese landen geschilderde portretten van vorstelijke en adellijke kinderen, zijn zeer formeel van aard. Ze zijn niet zelden vergelijkbaar met de staatsieportretten van hun ouders en andere volwassen familieleden. De afbeelding van een troonopvolger of van de stamhouder van een eeuwenoude adellijke familie stelde meer formele eisen dan de weergave van een regentenkind uit een Hollandse stad. De familie van dit kind behoorde vaak pas enkele generaties tot de lokale elite. Portretten van Nederlandse kinderen waren daardoor niet zozeer de uitbeelding van de continuïteit van een dynastie. Ze waren veel meer de vereeuwiging van de trots van de ouders op hun nageslacht.

    Het temmen van een dier
    De burgerlijke achtergrond en de afwijkende motivatie voor het laten maken van beeltenissen van kinderen, zijn dus mede oorzaak van het minder formele karakter van het Nederlandse kinderportret. Maar er is ook nog iets anders aan de hand. Veel Nederlandse kinderportretten uit de zeventiende en achttiende eeuw zijn eigenlijk minder informeel dan ze lijken. We zien kinderen die spelen met een hondje of een ander huisdier, of ze hebben speelgoed bij zich. De afbeeldingen lijken zeer natuurlijk en persoonlijk, maar in werkelijkheid staan die huisdieren en speeltjes maar al te vaak symbool voor moralistische boodschappen. Het temmen van een dier staat voor de discipline waarmee het kind werd opgevoed. Bloemen en vruchten in de handen van kinderen zijn niet zomaar aardigheden of lekkernijen, maar hebben hun eigen religieuze of symbolische associatie. En veel kinderportretten zijn doorspekt met verwijzingen naar dood en sterfelijkheid. De opdrachtgevers waren zich sterk bewust van het grote risico op kindersterfte, ze waren dankbaar dat hun kind leefde.

    Charme
    Het Nederlandse kinderportret lijkt dus veel ongedwongener dan de meeste kinderportretten uit andere landen, maar in werkelijkheid zien we in de uitbeelding ook veel conventies die het beeld bepaalden. De natuurlijke en gevarieerde uitwerking daarvan geeft de kinderportretten wel extra charme. Wat de portretten bijzonder maken, is dat niet  zozeer de plaats van het kind in de dynastieke geschiedenis centraal staat, maar het kind zelf, zijn opvoeding en zijn toekomstverwachtingen.

    Dit is deel I in een serie over kindercultuur in Nederland. Aanleiding hiervoor was het Kinder Cultuurcongres dat Dutch Culture onlangs organiseerde in samenwerking met NAPK, Het Letterenfonds, De Nederlandse Museumvereniging en Cinekid.

    Het schilderij 'De Lachende Jongen' van Frans Hals (hierboven afgebeeld) hangt in het Mauritshuis in Den Haag.

    Rudi Ekkart is Nederlands kunsthistoricus en van 1990 tot eind 2012 was hij directeur van het Rijksbureau voor Kunsthistorische Documentatie.

     

     

     

    Organization: 
    Mauritshuis
    Cinekid
    Dutch Association for Performing Arts
    Dutch Museums Association
    Dutch Foundation For Literature
  • Meten is geen weten

    Conferentie Tussenruimte; een samenwerking tussen Vlaanderen en Nederland in de Stormkop in Antwerpen

    Meten is geen weten

    15 november 2018
    Kunnen kunstenaars een stad of wijk leefbaarder maken? Verslag van 'Wegwijzers van de Tussenruimte'; een denkdag over de verbindende kracht van creatieven.
    Door Luc Devoldere

    De verbindende kracht van creatieven in de stad, daar ging het over op 5 november in het Antwerpse Stormkop. Daar was de Vlaams-Nederlandse conferentie 'Wegwijzers van de Tussenruimte'. Hoofdredacteur van onze Vlaamse partner-organisatie Ons Erfdeel Luc Devoldere was erbij en noteerde een paar gedachten. ‘Misschien moeten de heren en dames die huisvesting en woonbeleid in hun portefeuille hebben deze aanbevelingen ook krijgen.’

    Kan kunst de wereld redden? Nee dus. In het beste geval kan kunst de wereld inzichtelijker maken, een epifanie tot stand brengen waarin de dingen er anders gaan uitzien. Misschien wordt een mens er begripvoller van. Omdat hij of zij meerdere perspectieven op de werkelijkheid aangereikt krijgt en leert aanvaarden. Kunnen kunstenaars de stad of een wijk redden, of er een meer leefbare plek van maken? Die vraag klinkt al concreter en interessanter. De commissie van het Cultureel Verdrag Vlaanderen-Nederland (CVN) organiseerde op 5 november samen met DutchCulture en deBuren een conferentie over stedelijke dynamiek en cultureel ondernemerschap.

    Het pièce de résistance van de conferentie was een video, gemaakt door twee “stadmakers” die in Rotterdam-Zuid en enkele buurten van Antwerpen de straat waren opgetrokken om te spreken met kunstenaars, buurtbewoners en mensen van culturele instellingen. Ze creëerden een soort “tussenruimte”: een symbolische ruimte waarin verschillende mensen uit een buurt gelijkwaardig konden spreken en luisteren.
    De stadmakers kwamen terug met tien “wegwijzers”, waarover de deelnemers aan de conferentie zich na de middag konden buigen. Om er een elfde aanbeveling aan de beleidsmakers aan toe te voegen. Want de ministers van Cultuur van Vlaanderen en Nederland, Sven Gatz en Ingrid van Engelshoven, zouden die aanbevelingen op het einde van de dag in handen krijgen.

    Gebouwen in vertrouwen
    Tot voor kort was het devies voor verwaarloosde wijken simpel, constateren de stadmakers: zet er kunstenaars in en de economische welvaart volgt (niet Marx, maar Gramsci, om het eenvoudig te zeggen). Maar de opbloei van de wijk leidt juist tot gentrificatie: huurprijzen stijgen, oorspronkelijke buurtbewoners trekken weg. De loodsen en ateliers van de kunstenaars komen uiteindelijk weer in handen van de projectontwikkelaars (als die al niet zelf al vertrokken zijn, op zoek naar een nieuwe, onaffe plek), en weg is de sociale mix en/of de inclusieve leefbaarheid van de buurt.
    De stadmakers kwamen met interessante en evidente aanbevelingen: culturele instellingen geven creatievelingen opdrachten en residenties in de wijk. Men moet eerst de mensen ontwikkelen die al in de wijk wonen en werken. Dat kost tijd, vaak jaren, en vele contacten en gesprekken.
    In het woonbeleid moeten sociale huurwoningen behouden blijven, zodat de sociale mix gegarandeerd blijft. Stel een interdisciplinaire schepen of wethouder aan die wonen, zorg, welzijn, cultuur en economie holistisch aanpakt. Stel werkkapitaal ter beschikking aan sociale organisaties, buurtinitiatieven en creatieve ondernemers op basis van vertrouwen.
    Meten is hier geen weten. Geef gebouwen in vertrouwen, of voorzie tenminste langlopende huurcontracten en bied renteloze leningen aan voor de aankoop van panden.
    In mijn gespreksgroep werd alvast geconstateerd dat de ministers van Cultuur misschien niet de aanbevelingen moeten krijgen, maar wel de heren en dames die huisvesting en woonbeleid in hun portefeuille hebben.

    Echte burgerparticipatie
    DutchCulture en deBuren hadden het goede idee om ook Manu Claeys uit te nodigen. Zijn Antwerpse organisatie StRaten-Generaal is een succesrijk voorbeeld van wat echte burgerparticipatie vermag in de politieke beslissingen over een cruciaal mobiliteits- en leefbaarheidsprobleem. Dat verruimt in één klap de discussie over de rol en impact van kunstenaars en creatievelingen in de wijken van een stad. Het zijn uiteindelijk kritische en mondige burgers die zich verenigen en hun stempel drukken op politieke beslissingen die de stedelijke gemeenschap aangaan.
    Dit middenveld moet op een bepaald ogenblik ook de sociale intelligentie hebben om op het juiste moment uit de loopgraven van het eigen gelijk te stappen en de hand te reiken aan de politieke beslissers om samen tot een betere en meer gedragen oplossing te komen. Deze vorm van medezeggenschap die de representatieve democratie aanvult met de groeiende noodzaak van een participatieve democratie heeft de toekomst.

    Met dank aan Ons Erfdeel

     

    Organization: 
    deBuren
    Ons Erfdeel
    Cultureel Verdrag Vlaanderen-Nederland (CVN)
  • 'Wie niet horen kan, moet maar voelen'

    Foto: Patrick Baldwin

    'Wie niet horen kan, moet maar voelen'

    5 november 2018
    Theatervoorstelling met doofblinde acteurs uit Rusland. Waar taal niet het primaire communicatiemiddel kan zijn, zoeken acteurs andere manieren voor interactie.

    “We applaudisseerden, stampten en joelden om de acteurs te bedanken, maar ze konden ons niet horen. Ik hoop dat de vibraties via de vloer en elektriciteit in de lucht voelbaar waren.”, was één van de reacties op de internationale première van In Touch bij het National Theatre in Londen. In Touch is een theatervoorstelling met doofblinde acteurs uit Rusland, en zal in december ook in Nederland te zien zijn.

     

    Leven in stilte en duisternis

    Hoe is het om te leven in stilte en duisternis? Hoe ervaar je de wereld als je doofblind bent?
    Dat zijn vragen die behandeld worden in de voorstelling In Touch, van het ‘Inclusion’ project uit Moskou. De voorstelling met acteurs met een audiovisuele beperking van regisseur Yevgeny Mironov ging in 2015 in première op het podium van het vooraanstaande Theatre of Nations in Moskou. In Touch werd meer dan dertig keer opgevoerd en werd in 2016 genomineerd voor de prestigieuze Golden Mask Awards.
    Het project heeft eveneens geleid tot de oprichting van de eerste inclusieve theaterscholen in Rusland. De scholen van ‘Inclusion’ in Sint-Petersburg, Moskou, Ekaterinburg, Novosibirsk en Kazan richten zich op het opleiden van acteurs met verschillende beperkingen en zetten in op meer integratie van mensen met een beperking in de Russische maatschappij.

     

    Een inclusief dialoog

    De internationale versie van In Touch is een coproductie van Mironov en Jenny Siley, artistiek directeur van theatergezelschap Graeae, en ging in oktober 2017 in première in Londen. De voorstelling was vervolgens te zien in verschillende theaters in Engeland en Frankrijk.
    Op 4 december aanstaande gaat In Touch ook in Nederland in première en zal voormalig paralympisch zwemkampioen Michel Tielbeke tevens debuteren als acteur. Samen met actrice Dagmar Slagmolen, acteur Igor Beroëv en de acteurs van het gezelschap, zal hij zijn persoonlijke verhaal delen met het publiek.
    Interculturele barrières vallen weg tussen de Russische en Nederlandse acteurs. Waar taal niet het primaire communicatiemiddel kan zijn, zoeken de spelers andere manieren om de interactie met elkaar en het publiek op te zoeken. “Wie niet horen kan, moet maar voelen”, aldus Michel Tielbeke. Samen vertellen de acteurs een verhaal over de uitdagingen en schoonheid van het anders zijn. Het is een verhaal van inclusie, maar bovenal het verhaal van een persoon.

     

    In Touch zal in de volgende theaters te zien zijn

    4 December 2018 – 20.00 uur: Verkadefabriek te Den-Bosch (première)
    5 December 2018 – 19.00 uur: Russisch cultureel centrum te Brussel
    8 December 2018 – 20.30 uur: Compagnietheater te Amsterdam

    Kaarten zijn te bestellen bij de desbetreffende theaters of via de facebook pagina van In Touch.  
    Voor meer informatie kunt u contact opnemen met adviseur Rusland Lenka Boswijk. 

  • Marokkaanse realiteit als kunst

    Project ‘Ch3el el Dow’ van Adam Belarouchia

    Marokkaanse realiteit als kunst

    7 december 2018
    Interview met artist in residence Adam Belarouchia. "De rest van de wereld is onder de muisknop, maar staat in schril contrast met de Marokkaanse samenleving".

    “Ik liep gisteren door de straten van Amsterdam en zag hoe alles mooi verzorgd en georganiseerd is. Ik zag de rijkdom van kunst en cultuur overal in de stad, ik moest bijna huilen.” Adam Belarouchia (25) is een kunstenaar uit Marokko, sinds 1 oktober is hij artist in residence bij de Thami Mylene Foundation. “Ik moest bijna huilen van blijdschap omdat ik de kans krijg om hier te zijn en te proeven van Nederland".

    "Maar ik moest ook bijna huilen om mijn eigen land, waar een groot gebrek aan bewustzijn is over kunst, cultuur en ons prachtige erfgoed. En waar het voor kunstenaars niet altijd makkelijk is”. We zitten in het mooie, ruime atelier aan de Ten Katestraat in Amsterdam West, waar Adam de komende maanden woont, werkt en zich verwondert. Adam hoort bij een generatie jonge Marokkaanse kunstenaars, waarvoor de mondiale virtuele wereld slechts een klik verwijderd is, maar die in groot contrast staat met de realiteit van de Marokkaans samenleving.

    Japanse animaties
    Adam is 25 jaar gelden geboren in een volkswijk in Rabat, als zoon van een ijzersmid en een huisvrouw. Hij tekent zijn vingers blauw in zijn kindertijd, maar start met een studie scheikunde omdat hij óók een fascinatie heeft voor het experiment en de wetenschap. De academische wereld is hem echter te formeel. Hij meldt zich terloops aan bij de kunstacademie van Tetuan, en wordt tot zijn verrassing aangenomen. Hier krijgt hij de kans om zijn experimentele kleurrijke wereldbeeld te uiten. Zijn werk is sterk geïnspireerd op Japanse animaties uit de jaren ‘ 90. Hij studeert deze zomer af aan de Academie des Beaux Arts van Tetuan.

    Doe het licht aan
    Adam reageert met zijn kunst op zijn omgeving. Hij laat zich inspireren door de Marokkaanse stedelijke subculturen en verbeeldt ze met verschillende (digitale) vormen. Hij begon met het maken van GIFs en illustraties en maakte daarna een animatie genaamd ‘Ana Hna’, vertaald: ‘Ik ben hier’. Hiermee wint hij een prijs op het animatie festival FICAM, in Meknes. In 2017 maakt Adam voor kunstcentrum l’Uzine in Casablanca het project ‘Ch3el Dow’: ‘Doe het licht aan’, met beeldcomposities van schilderijen en ingenieuze elektrische installaties. Het cijfer 3 in het woord wordt overigens gebruikt in de transcriptie van woorden uit Marokkaans dialect; het is een keelklank die niet in de Latijnse letters bestaat.

    Volkse uitdrukkingen
    Adam gebruikt de codes van het milieu waarin hij in opgegroeide. Hij gebruikt volkse uitdrukkingen uit het Marokkaans Darija-dialect. Deze  uitdrukkingen onderstrepen de zeggenschap van zijn werk. Hij gebruikt woorden zoals ‘wakha’ dat ‘akkoord’ betekent of ‘z3am’: ‘houd moed’. Adam gebruik ze met de contrasterende beelden en schilderijen waarop de uitdrukkingen met neon geïnstalleerd worden.

    Onderdrukkend schoolsysteem
    Zijn afstudeerwerk ‘Aqul! Isma3!’; ‘Ik zeg, ik luister!’, gaat over het Marokkaans onderwijssysteem. Het idee kwam toen hij zag dat zijn zusje van 10 jaar in hetzelfde onderdrukkende schoolsysteem zit als hij, toen hij een kleine jongen was. “Niets in het Marokkaanse onderwijs verandert, helaas. Het is een systeem zonder ruimte voor expressie, autonomie of voor het ontwikkelen van een eigen stem. Het maakt me verdrietig, maar ook strijdbaar. Vandaar dat ik dit stripboek heb gemaakt, waar ik een wereld tekende waar alleen een rol van passieve toeschouwer bestaat voor de leerlingen en een autoritaire rol voor de leraren”. Het is een  wereld van monden en oren geworden. De orde van de monden en de orde van de oren die zegt: ‘Ik zeg, ik luister’.

    Gangstercultuur
    Adams nieuwe onderzoek waar hij hier in Amsterdam aan werkt, gaat over de Marokkaanse gangster cultuur waarin jongeren via social media zichzelf tonen, in het Marokkaans ‘mscharmel’ genaamd wat zoiets betekend als ‘gemarineerd’. Adam zal onder andere hierover spreken tijdens een cultural talk op vrijdag 7 december tussen 16:00u en 18:00. Deze bijeenkomst wordt georganiseerd in samenwerking met Zinaplatform. Voor aanmeldingen, neem contact op met Myriam Sahraoui.

    Geschreven door: Myriam Sahraoui – Adviseur Marokko bij DutchCulture

    Meer info via thami-mnyele.nl 

    Organization: 
    Thami Mylene Foundation
    Location: 
    DutchCulture
  • Egyptische jeugdtheatermakers geven niet op

    Voorstelling 'Vlieger zonder koord' van Danstheater AYA tijdens Hakawy Festival 2018 (foto: Bassam al Zoghby)

    Egyptische jeugdtheatermakers geven niet op

    23 oktober 2018
    De revolutie zorgde voor bloei in kunst en cultuur in Egypte. Ook voor kindercultuur betekende het een omslagpunt. Bijna 8 jaar later is daar weinig van over.

    Door Wladimir Riphagen

    De revolutie in 2011 zorgde voor een bloei in kunst en cultuur in Egypte. Ook voor kindercultuur betekende “25 januari 2011”  een omslagpunt. Bijna 8 jaar later is er weinig over van de ruimte en energie die er was in het befaamde revolutiejaar. Hoe houdt de sector stand?

    Mohamed El Ghawy, oprichter van het Hakawy International Children’s Festival in Cairo maakt direct duidelijk voor welke opgave kindertheater staat in Egypte. Een gebrek aan financiering vanuit de Egyptische overheid, een gebrek aan podia, een gebrek aan vernieuwende training voor professionals. Ook op educatievlak, een belangrijk onderdeel van kindertheater, zijn er uitdagingen. Publieke scholen zijn volledig overbelast, waarbij klassen van meer dan 70 kinderen eerder regel dan uitzondering zijn. Scholen hebben allesbehalve geld beschikbaar voor alternatieve educatie middels kunst en cultuur. Laat staan ruimte. 

    El Ghawy bezocht samen met 6 andere kindercultuurprofessionals een internationale bijeenkomst over kindertheater in Amsterdam. De Nederlandse ambassade in Egypte ondersteunde deze reis samen met het Fonds Podiumkunsten omdat het belangrijk is een netwerk op te bouwen. Niet alleen voor de artiesten persoonlijk, ook voor de scene in Egypte in zijn geheel. 

    Internationale allure
    De theatermakers zijn namelijk bijna volledig afhankelijk van buitenlandse financiering om jeugdtheater toegankelijk te maken voor alle lagen van de bevolking. Het festival van El Ghawy is om die reden ook een internationaal festival. De Nederlandse ambassade en het Fonds Podiumkunsten, bijvoorbeeld, steunen het brengen van Nederlandse shows naar het festival. Net zoals de British Council voor Britse shows en het Goethe Institut voor Duitse shows. Het internationale karakter geeft ook een bepaalde allure, waardoor de aantrekkingskracht groter is. 

    “They stick with us”
    Bij deze benadering is het wel oppassen geblazen dat de selectie van voorstellingen niet gedreven wordt door de bereidheid van een buitenlandse instelling om te financieren, beaamt El Ghawy. “We proberen altijd eerst te kijken naar welke voorstelling we willen hebben, en daarna of er financiering voor te vinden is. Als er volgend jaar geen goede show uit Nederland is, dan benaderen we de Nederlandse ambassade niet voor financiering.” Tegelijkertijd, als de buitenlandse financiering opdroogt wordt het moeilijk om het festival in stand te houden, dus zullen er de komende tijd nog wel Britse, Duitse en Nederlandse shows op het festival te vinden zijn. Het goede nieuws voor El Ghawy is dat als een buitenlandse instelling eenmaal een keer een voorstelling heeft gefinancierd, ze het jaar daarna het graag weer doen. “They stick with us”.

    Aan de dagelijkse realiteit ontsnappen
    Er is ook een nadeel aan dit model. Een buitenlandse groep komt, speelt en gaat. Het is moeilijk om een duurzame relatie op te bouwen. El Ghawy: Over waarom het belangrijk is om culturele activiteiten voor kinderen te ondersteunen zijn El Ghawy en de anderen duidelijk. Haytham Shoukry, een van de delegatieleden, vertelt dat waar hij ook komt in Egypte, hij direct een vol publiek heeft. Hij reist met een bus door het land om verhalen te vertellen en kinderen enthousiast te maken om te lezen. Hij reist op vaste momenten naar verschillende plekken en het enthousiasme als hij met zijn bus aan komt rijden is iedere keer groot. Los van de educatieve component tijdens het verhalen vertellen – want die is er ook – is het alleen daarom al belangrijk om in kindercultuur te investeren. Het is vaak de enige manier om even aan de dagelijkse realiteit te ontsnappen.

    “Kinderen zijn eerlijk”
    Actrice Israa el Ghazaly heeft sinds kort de overstap gemaakt naar kindertheater. Ze heeft die keuze gemaakt omdat kinderen een fijn publiek zijn. “Kinderen zijn eerlijk. Je ziet direct aan hun gezicht wanneer je ze mee hebt.” Ze gaat een objectenvoorstelling maken met papier. Uitgevonden in Egypte en ooit een zeer waardevol goed, maar tegenwoordig vinden we overal papier, waar we ook kijken. Het is ook nog eens voor verschillende doelen inzetbaar. “Ik wil overbrengen dat je een heleboel zelf kunt maken met wat er om je heen voor handen is.” 

    Geen activisten
    De keuze is ook pragmatisch. Waar de ruimte om kunst en cultuur voor volwassenen te ontwikkelen steeds kleiner wordt, is er voor kinderen wat meer ruimte. El Ghawy: “Kinderen worden toch als onschuldig gezien.” Het zijn geen activisten. De overheid zal dan ook niet snel een festival voor kinderen verbieden. Dat is nog een reden om kindercultuur te blijven ondersteunen. De ruimte die er is blijven benutten en kinderen enthousiast maken voor culturele activiteiten zal later misschien een positief effect hebben. Het blijft altijd spannend, dat wel. El Ghawy: “ik had niet gedacht dat we het festival 8 jaar vol zouden houden. Nu gaan we de negende editie in, maar we weten nooit wanneer het de laatste is.”

    Wladimir Riphagen is DutchCultures Egypte-specialist. Heeft u vragen over kunst, kunstenaars, kunstbeleid of over andere kunst - of culturele kwesties in Egypte, mail hem dan op: w.riphagen@dutchculture.nl
     

    Organization: 
    DutchCulture
  • Herinneringscentrum Kamp Westerbork en Vredespaleis onderscheiden met European Heritage Stories Grant

    Herinneringscentrum Kamp Westerbork. Foto: RTV Drenthe (Jeanine Hofsteenge)

    Herinneringscentrum Kamp Westerbork en Vredespaleis onderscheiden met European Heritage Stories Grant

    18 oktober 2018

    Herinneringscentrum Kamp Westerbork en het Vredespaleis (samen met het Mundaneum in België) ontvangen een toelage van 10.000 euro voor een erfgoedproject in het kader van European Heritage Stories, een stimuleringsprijs van de Raad van Europa binnen het Europees Erfgoedjaar 2018.

    De Europese stimuleringsprijs bestaat uit een donatie en een oorkonde. In totaal zijn tien Europese initiatieven uitgekozen. Zij namen tijdens de European Heritage Days-conferentie in het Palais de l'Europe in Straatsburg het certificaat in ontvangst en lichtten hun verhaal toe.

    Kamp Westerbork
    De inzending van Kamp Westerbork gaat over het verhaal van Sinti en Roma in Kamp Westerbork en de activiteiten die in de herdenkingsjaren 2019-2020 georganiseerd worden. Het Herinneringscentrum wil hiermee deze geschiedenis bij een breed publiek, en met name jongeren, onder de aandacht brengen. Op 19 mei 1944 vertrok een transport met 245 Sinti en Roma uit Westerbork naar het vernietigingskamp Auschwitz. Op het terrein van Kamp Westerbork worden de slachtoffers herdacht in het monument De 102.000 stenen, waarin de stenen die herinneren aan de Sinti en Roma met een vlam gemarkeerd worden.
     
    Vredespaleis
    Om de belangrijke mijlpalen naar de opbouw van vrede in de Europese geschiedenis te vieren, organiseren het Mundaneum (België) en het Vredespaleis (Nederland) "laboratoria voor vrede". Het project bevordert waarden als mensenrechten, het recht om in vrede te leven en het recht op toegang tot cultuur en kennis bevorderen.
     
    Klik hier voor een overzicht van alle (ingediende en geselecteerde) verhalen.