Herinneringscentrum Kamp Westerbork. Foto: Sake Elzinga

Photo: Sake Elzinga
 

Internationaal samenwerken, drie perspectieven uit Noord-Nederland

Voor DutchCulture on Tour: editie Noord-Nederland vertellen 3 professionals uit de Nederlandse cultuursector over de internationale ambities van hun praktijk.
30 October 2020
Door Eline Elbersen

Wat hebben artistiek leider Mark Yeoman van het Noorderzon Festival of Performing Arts & Society in Groningen, onderzoeker Bas Kortholt van Herinneringscentrum Kamp Westerbork en zelfstandig kunstenaar Anne Fie Salverda uit Leeuwarden met elkaar gemeen? In het kader van DutchCulture on Tour: Editie Noord-Nederland op 9 november vroegen we drie totaal verschillende cultuur- en erfgoedprofessionals uit Noord-Nederland naar hun ervaringen met en redenen voor internationaal cultureel ondernemen. Waar Mark Yeoman deels internationaal programmeert en het woord ‘internationaal’ een verouderde term vindt die het culturele veld eerder in de weg zit, ziet Bas Kortholt veel uitwisselingsmogelijkheden in de internationale samenwerking met andere voormalig concentratiekampen in Europa. Anne Fie Salverda heeft met haar artist in residency in Spanje vooral veel inspiratie opgedaan voor haar werk als animator.  

Kunstenaarsresidentie AADK, Spanje. Foto: Anne Fie Salverda
"Ik had echt de tijd om me te laten inspireren en creatief te ontwikkelen"

Anne Fie Salverda uit Leeuwarden is beginnend autonoom kunstenaar en maakt voornamelijk animaties. Na dat ze in 2018 afstudeerde aan de Academie voor Popcultuur in Leeuwarden deed ze mee aan het Media Art Festival en won daar de Young Masters Award. De prijs was een residentie bij AADK in Spanje, een plek gericht op onderzoek en experiment van hedendaagse creatie.  

Een maand lang kon Salverda zich weer even volledig richtten op haar creativiteit en zich laten inspireren door de nieuwe plek. “Ik was in de bergen, in een klein dorpje en sliep in een oud huis, daar moet je wat mee in je werk. De overgang van je normale leven naar deze nieuwe context maakt zo’n residentie interessant.”  

Ze zat er samen met nog vijf vrouwelijke kunstenaars: twee danseressen uit Chili, een Canadese die zich bezighield textiel, een Amerikaanse schrijfster uit Seattle en een fotografe uit Los Angeles. “Ik woonde met de Canadese in hetzelfde appartement, we hadden veel gesprekken over de verschillen tussen Canada en Nederland, en ook over hoe Friesland zich tot Nederland verhoudt.” Voor haar nieuwe animaties werkte ze veel samen met de anderen. “De danseressen uit Chili hebben me enorm geïnspireerd. Ik heb hun dansen gefilmd en verwerkt in mijn nieuwe werk. En andersom zijn zij door mijn animaties weer naar andere manier van dansen op zoek gegaan.” 

In Nederland probeert Salverda haar ervaringen mee te nemen en te gebruiken in nieuwe kunst. “De uitwisseling leerde me hoe waardevol het is om soms vanuit een andere invalshoek naar het leven en mijn werk te kijken, de samenwerking met andere disciplines was ontzettend leuk.” Zo maakte ze samen met Eeltsje Hettinga de animatiefilm It Skip, gebaseerd op een gedicht van Hettinga. De film is te zien in de expositie Drukker Om’e Noord van haar vader Aldrik Salverda. Maar als beginnend kunstenaar is ze zoekend naar verdere mogelijkheden om haar carrière in Nederland of met andere kunstenaars in het buitenland op te starten. “Graag zou ik mij nog verder willen professionaliseren als kunstenaar, maar ik weet niet goed wat mogelijke vervolgstappen zijn.” 

Alexander Vantournhout op het Noorderzon Festival, Groningen 2019. Foto: Pierre Borasci
"We gebruiken het label ‘internationaal’ alsof het iets speciaals is"

Mark Yeoman is al meer dan twintig jaar artistiek leider van Noorderzon Festival of Performing Arts & Society in Groningen. Samen met zijn team programmeert hij meer dan 25 internationale gezelschappen. Noorderzon heeft in Europa een belangrijke plek verworven tussen de middelgrote podiumkunstenfestivals. Dit komt mede door het internationale netwerk van Yeoman en het programmeren van nieuwe makers en gezelschappen van over de hele wereld. Internationaal samenwerken gaat volgens hem over het opbouwen van een duurzame relatie, waarin je veel tijd moet investeren. Voor langetermijntrajecten zoals het omgaan met de gevolgen van de klimaatverandering is internationale samenwerking essentieel. Noorderzon is samen met vijftien andere culturele organisaties in Europa onderdeel van het samenwerkingsprogramma Create To Impact. Dit project onderzoekt de waarde en betekenis die culturele uitingen hebben, op het gebied van verandering, innovatie en emancipatie, zoals nieuwe presentatieruimtes en het effect daarvan op het publiek. Create To Impact wordt gefinancierd door het Europese subsidieprogramma Creative Europe.  

Voor Yeoman is het duidelijk, we ervaren de wereld als global village. De fundamentele verschillen tussen Parijs en New York zijn cultureel klein. Internationaal dekt de lading van culturele uitwisseling tussen plekken en landen minder dan we denken. Waarom gebruiken we dit woord in de kunst en cultuur dan nog, vraagt hij zich af. “De verhoudingen tussen internationaal, nationaal en lokaal zijn veranderd. We gebruiken het label ‘internationaal’ alsof het iets speciaals is.”  

Volgens hem is de term weliswaar nodig voor culturele verwijzingen naar een land, maar het permanent refereren hieraan maakt de culturele sector oubollig. “De gewone mens denkt niet in termen als ‘internationaal’. Je gaat niet op zoek naar een internationaal boek, of internationale auto, of een internationaal stuk muziek.” Geografisch internationaal samenwerken dekt een andere lading. Dat gaat over samenwerken waarbij het doel niet de culturele uitwisseling of het refereren aan de eigen (Nederlandse) positie is, maar het samenwerken om gemeenschappelijke uitdagingen aan te gaan, die over landgrenzen heen gaan. Dit zijn altijd langetermijntrajecten waar veel tijd en geld in geïnvesteerd moet worden. Yeoman: “Zo was ik vanochtend met een collega uit Iran in gesprek, voor de ontwikkeling van een digitale tool die in kaart brengt waar artiesten in Europa zich bevinden tijdens een internationale tour. Zo kunnen programmeurs onderling hun programmering beter op elkaar afstemmen, wat de tour duurzamer maakt.” Noorderzon wil met dit soort slimme oplossingen zijn ecologische voetafdruk verkleinen door het reduceren van de Co2 uitstoot, wat alleen lukt als je samenwerkt om die uitdagingen aan te gaan. Yeoman ziet in het gebruik van nieuwe media dan ook veel potentie voor de toekomst van performing arts.

“We leven in een snel veranderende geïnternationaliseerde wereld,” zegt hij. Hiermee omgaan vergt ook samenwerkingen bínnen de Nederlandse cultuursector. Dat is wel lastig, vindt Yeoman. De exclusieve en avant-gardistische programmering waar niet alleen Noorderzon, maar ook andere culturele instellingen op beoordeeld worden voor bijvoorbeeld Nederlandse subsidies zorgt voor concurrentie in het Nederlandse veld. Veel culturele instellingen doen aanvragen voor dezelfde pot met geld. “Iedereen wil voorloper zijn, want dat scoort goed bij de fondsen.” Hij pleit er dan ook voor om meer samen te werken binnen onze landgrenzen en een beter overleg tussen fondsen en het veld. Het internationaal cultuurbeleid is volgens hem vooral gericht op kortetermijndenken en te veel gefocust op eenmalige uitwisselingen die andere belangen hebben dan enkel de culturele uitwisseling. “Als ik in de voorhoede wil werken, want dat is mijn werk, moet ik weten hoe de gereedschapskist van morgen eruit gaat zien. Hiervan co-architect worden is nodig om de problemen van vandaag op te kunnen lossen.” 

Herinneringscentrum Kamp Westerbork. Foto: Sake Elzinga
"We hebben natuurlijk overeenkomsten met voormalig concentratiekampen over de hele wereld”

Herinneringscentrum Kamp Westerbork is net als Noorderzon aangesloten bij een samenwerkingsproject gesubsidieerd door Creative Europe. Bas Kortholt is onderzoeker bij het centrum en namens hen aanspreekpunt voor het programma House of Darkness, Images of a Contested European Memory. Dit is het vervolg op een eerder samenwerkingsverband tussen verschillende universiteiten en voormalig concentratiekampen in Europa. Samen hebben deze instellingen gezocht naar (digitale) manieren om de beladen en conflicterende verhalen van deze historische plekken te delen met een breed publiek. Het vervolg is de samenwerking tussen voormalig concentratiekampen Falstad (Noorwegen), Bergen-Belsen (Duitsland), Westerbork (Nederland) en stichting Paradox (Nederland). Ze zetten de uitkomsten van het wetenschappelijke onderzoek om in activiteiten, om zo een breder te publiek te bereiken. Bezoekers van de andere centra weten herinneringscentrum Kamp Westerbork door de samenwerking nu sneller te vinden.Dat opent ook veel deuren voor subsidiemogelijkheden in of gericht op Europa.  

In Europa staat Kamp Westerbork zogezegd ‘op de kaart’. Sinds 2013 draagt het voormalig concentratiekamp het Europees Erfgoed Label en in 2018 kreeg het de European Heritage Stories Grant toegekend, in het kader van het European Year of Cultural Heritage 2018. 

“In Nederland zijn we een vreemde eend in de bijt met nauwelijks herrineringscentra, terwijl die er over de hele wereld wel zijn,” aldus Kortholt. In elk voormalig concentratiekamp lopen ze tegen dezelfde uitdagingen aan. Jongere generaties bijvoorbeeld kijken anders naar de voormalig concentratiekampen dan hun ouders of voorouders. Daarom ligt de focus bij het aankomende samenwerkingsproject meer op de herinnering aan de geschiedenis dan op de geschiedenis zelf. “In samenwerking met de andere herinneringscentra ontwikkelden we interdisciplinaire (digitale) manieren om het verhaal van de Tweede Wereldoorlog te vertellen." Een 3D-reconstructie en een VR-installatie van de commandantswoning op het voormalig kampterrein zijn manieren om nieuwe generaties erbij te betrekken. “Dit brengt ook ethische vragen met zich mee, zoals kan dit wel op een plek als Kamp Westerbork, of welk voormalig concentratiekamp dan ook? Daarin zie je meer overeenkomsten met de andere herinneringscentra dan met musea of kampen in Nederland.” 

Mag je de actualiteit betrekken bij cultuurhistorische plekken met een oorlogsverleden? Het is een vraag die al sinds de jaren 70 speelt in de maatschappij en dus ook bij het herinneringscentrum, dat sinds 1983 bestaat. De tendens daarin verschuift met de jaren. “Vanaf de jaren 80 moest het over de oorlog gaan, en in de jaren 90 en 00 juist over het nu. Ik chargeer het nu wat, maar door duidelijk te maken waarom deze tendensen er zijn en uit te leggen waarom dit zo verschuift, kun je de discussie die er leeft faciliteren.”

Een stap verder helpen

Het is duidelijk dat er veel verschillende mogelijkheden en redenen kunnen zijn voor internationale uitwisseling. Samenwerken om gemeenschappelijke uitdagingen aan te gaan, of meer bezoekers te trekken, uitwisseling van ervaringen met gelijkgestemden om je praktijk vorm te geven of bijvoorbeeld inspiratie op doen in een andere omgeving en je zo artistiek ontwikkelen. Hoe dan ook draagt internationale culturele samenwerkingbij aan een sterker cultureel en maatschappelijk veld en verrijkt daarmee de samenleving als geheel.

Heb je ook internationale ambities met je culturele praktijk? Met onze serie DutchCulture on Tour willen we makers en culturele instellingen uit verschillende regio’s een stap verder helpen met deze internationale ambities.  

DutchCulture on Tour: Editie Noord-Nederland vindt online plaats op 9 november. De adviesgesprekken zitten helaas vol, je kunt nog wel meekijken met de presentaties. Voor meer informatie mail Eline Elbersen.